'Ervaringskennis is ontzettend belangrijk.'

‘Mijn naam is Astrid Philips. Ik woon in de Jordaan en heb twee kinderen, die ik alleen heb opgevoed. Ik ben een nazaat van het zogenaamde Pauperparadijs in Veenhuizen, waar armen in de negentiende eeuw heen gestuurd werden. In mijn situatie is dus sprake van generatiearmoede.

Mijn vader was buiten beeld toen ik kind was en mijn moeder leefde van een uitkering, dus soms was er niet eens geld voor eten thuis. Ik had bierviltjes onder in mijn gymschoenen omdat er gaten in de zolen zaten. Ook zat ik periodes in een kindertehuis of bij een pleeggezin.

Op mijn achttiende werd ik dakloos. Daarna heb ik een aantal jaar panden gekraakt in de Jordaan, soms zonder warm water of douche. Ook ben ik een aantal keer opgenomen in een ggz-instelling. Uiteindelijk heeft een jonge maatschappelijk werker van de woningbouw ervoor gezorgd dat de woning waar ik in zat op mijn naam kwam te staan. Dat pand werd na een tijd gerenoveerd en omgevormd tot sociale huurwoning, en toen mocht ik blijven. Daar heb ik echt geluk mee gehad.

Jaren later kwam ik bij de Voedselbank een vrouw tegen die onderzoek deed naar armoede. Zij interviewde mij en nodigde me daarna uit om een gastles te komen geven aan de Hogeschool van Amsterdam. Dat beviel zo goed, dat ik daar nu al dertien jaar twee dagen per week werk als ervaringsdeskundige – waar ik ook een opleiding voor gedaan heb.’

‘Als ik advies uitbreng, denk ik altijd: wat heeft mij geholpen?’

‘Ervaringskennis is ontzettend belangrijk, zeker als het gaat om het maken van beleid. Daarom zit ik ook bij het Gezinspanel van het programma Samen Kansrijk en Gezond van FNO. Ik wil politici op het hart drukken om onze kennis mee te nemen, op alle niveaus, vanaf dag één. Beschouw ons als een kritische vriend die meekijkt vanuit een andere positie. Want wij weten zelf hoe het is om in een kwetsbare situatie te zitten.

Als ik advies uitbreng, denk ik altijd: wat heeft mij geholpen? Of wat heeft mij niet geholpen? Het systeem is niet per se slecht, het gaat erom hoe het systeem uitgevoerd wordt. Het is nu vaak te ingewikkeld: te veel wetten, te veel regels, moeilijk taalgebruik… Mensen in armoede hebben veel veerkracht, maar je moet soms even meebuigen.

Gelukkig zie ik de stigma’s rondom armoede de afgelopen jaren langzaam afnemen, ook in de media. Maar het gaat erg traag. Want ik hoor helaas ook nog vaak genoeg “eigen schuld, dikke bult”. Of: “Ik moet het redden, dus dan moet jij het ook redden.” Maar je kan niet hetzelfde van iedereen verwachten, want niet iedereen is hetzelfde.

Mijn kinderen hebben gelukkig gestudeerd, een huis en alleen een studieschuld, maar je moet ook accepteren dat het soms een paar generaties duurt voordat die generationele problematiek voorbijgaat. Want het heeft ook met mazzel en gunfactor te maken. Dat vind ik soms nog steeds wel ingewikkeld.’

'Beschouw ons als een kritische vriend die meekijkt vanuit een andere positie.'