Veelgestelde vragen Gezonde Toekomst Dichterbij

Wat houdt het Programma Gezonde Toekomst Dichterbij in?

Het programma Gezonde Toekomst Dichterbij heeft als doel het verminderen van gezondheidsachterstanden bij gezinnen in achterstandssituaties. Meer informatie over het programma kunt u bekijken in deze animatie.

Kan ik een subsidieaanvraag doen bij jullie als de gemeente ook al financiering ontvangt vanuit de stimuleringsprogramma's ‘Gezond In’ of ‘GIDS’?

Ja, dat kan. Wij beoordelen alle ingediende projectvoorstellen afzonderlijk en selecteren niet op deelname aan genoemde programma’s. We sluiten dus niet bij voorbaat bepaalde gebieden uit.

Mag ik in meerdere calls een aanvraag indienen?

Ja, dat mag.

Hoe wordt mijn subsidieaanvraag beoordeeld?

Na sluiting van de call wordt iedere aanvraag afzonderlijk beoordeeld door de programmacommissie van Gezonde Toekomst Dichterbij. Deze commissie adviseert FNO welke projecten voor financiering in aanmerking komen. Op basis van dit advies nemen wij een besluit. In de calltekst kunt u terugvinden wanneer u hoort of uw aanvraag door het fonds gefinancierd wordt.

Ik wil graag het logo van Gezonde Toekomst Dichterbij gebruiken in een publicatie over ons project. Waar kan ik dat vinden?

U vindt het logo van Gezonde Toekomst Dichterbij als jpg.bestand op de pagina Achtergrondinformatie. Hebt u een speciaal format nodig, bijvoorbeeld voor drukwerk (.eps), web (RGB) of voor een gekleurde ondergrond (transparant), neemt u dan contact op met Roxana König. Voor do’s en don’ts van het logogebruik, klik hier.

Waar moet ik op (laten) letten bij de accountantsverklaring?

Of en wanneer u een accountantsverklaring moet indienen en waar deze aan moet voldoen vindt u terug in het subsidieacceptatieformulier bij de toekenningsbrief (let op: bij projecten die een toekenning kregen vóór 2015 is dit terug te vinden in de subsidieverleningsovereenkomst) en in onze algemene voorwaarden. Hieronder zetten we de belangrijkste punten voor u op een rij.

 

a. Werkgeverslasten en overheadkosten

FNO hanteert als regel dat maximaal 37% werkgeverslasten (b) en maximaal 16% overheadkosten (d) in het subsidiebedrag inbegrepen kunnen zijn. Het opslagpercentage voor werkgeverslasten is gebaseerd op het brutosalaris (alle brutolooncomponenten) en het opslagpercentage voor overheadkosten op de totale personeelskosten. Onder de overheadkosten vallen o.a. indirecte loonkosten en alle andere kosten die niet door het primaire proces worden veroorzaakt. Kosten voor infrastructurele voorzieningen, indirecte lasten en indirecte huisvestingslasten worden niet vergoed. De overhead dient hiervoor.

 

Voorbeeld

Brutosalarissen € 100.000 (a)
Werkgeverslasten € 37.000 (b)
Subtotaal € 137.000 (c)
Overhead € 21.920 (d)
Totale personeelskosten € 158.920 (e)

b = maximaal a * 0.37

d = maximaal c * 0.16

 

b. Materialen en hulpmiddelen

Onder de materiële kosten vallen de kosten van verbruiksgoederen die nodig zijn om het project uit te voeren. De kosten voor aanschaf en afschrijving van apparatuur worden in principe niet vergoed.

 

c. Overige kosten

Reiskosten: trein 2e klas of bij vervoer per auto de fiscaal van belasting vrijgestelde kilometerprijs (in 2017 € 0,19). Post ‘Accountant’ voor 1% van het toegekende totaalbedrag.

 

d. Inhoud accountantsverklaring

Een gespecificeerde voor- en nacalculatie van de kosten en inkomsten van het project (zoals eigen middelen, eventuele subsidies derden en overige opbrengsten) conform de laatst ingediende en door FNO goedgekeurde begroting; indien van toepassing inclusief een verantwoording van de personele kosten, via een opgave van de door de aangestelde projectmedewerkers gewerkte maanden en omvang van de aanstelling.

 

De kosten voor de accountantsverklaring kunnen ten laste van FNO worden gebracht voor ten hoogste 1% van het subsidiebedrag. Hierbij gaat het om controle of de verstrekte subsidies zijn verantwoord en besteed in overeenstemming met de subsidievoorwaarden. Voor universiteiten is deze vereiste controle vastgelegd in het controleprotocol OCW. Voor de controle op overige projecten en die mede worden gefinancierd door andere fondsen of bij KNAW en de UMC’s is de daarbij gebruikelijke regeling van toepassing.

 

e. Toetsingscriteria

De accountant is zelfstandig verantwoordelijk voor het uitvoeren van voldoende werkzaamheden ter verkrijging van de controle-informatie waaruit blijkt dat de financiële realisatie, zoals vermeld in de eindafrekening juist, volledig en rechtmatig is.

 

In de controle worden door de accountant in ieder geval de volgende aspecten betrokken:

  • De accountant stelt vast dat zowel in de subsidieverleningsovereenkomst gestelde voorwaarden als eventueel later gestelde en schriftelijk bevestigde voorwaarden van de toekenning zijn nageleefd. Daarnaast worden de algemene voorwaarden van FNO in acht genomen.
  • De accountant stelt vast dat in de eindafrekening alleen de posten zijn opgenomen die zijn verbonden aan de uitvoering van de activiteiten waarvoor de subsidie is toegekend.
  • De accountant stelt vast dat de gerealiseerde kosten en opbrengsten passen binnen de door FNO goedgekeurde begroting en zijn gerealiseerd binnen de met FNO afgesproken projectperiode.
  • De accountant stelt vast dat in de goedgekeurde begroting opgenomen baten daadwerkelijk besteed zijn aan het project. De accountant stelt vast of er geen sprake is van een overschot en wat het saldo daarvan is.
  • De accountant stelt vast dat de in de afrekening als gerealiseerd verantwoorde kosten daadwerkelijk zijn gemaakt. Dit betekent dat deze kosten in de projectadministratie zijn onderbouwd met achterliggende bewijsstukken zoals (bijvoorbeeld) facturen, declaraties, bankafschriften en betalingsbewijzen.

 

f. Urenverantwoording

Indien een gedeelte van de projectkosten bestaat uit eigen urenbesteding dan stelt de accountant in ieder geval vast dat:

  • De gehanteerde uurtarieven niet hoger zijn dan in de meest recente door FNO goedgekeurde begroting is vermeld. Indien verschillende uurtarieven worden gehanteerd, besteedt de accountant in zijn werkzaamheden aandacht aan het hanteren van de juiste uurtarieven.
  • De verantwoorde aantallen uren worden onderbouwd door een urenadministratie. De op het project geschreven uren dienen te zijn geautoriseerd door de medewerker die de uren heeft geschreven en het bestuur of de directie van de begunstigde.

Het leggen van verbanden tussen de verantwoorde uren en de salarisadministratie, verlofregistratie, projectnotulen, tussentijdse rapportages etc.

 

g. Overige vragen

Hebt u een andere vraag, neem contact op met peter_frankhuizen@fondsnutsohra.nl, financieel administrateur FNO.

 

 

Hoe maak ik een veilige kopie van mijn identiteitsbewijs bij een projectaanvraag?

Kijk hier voor tips van de Rijksoverheid.