Laura Hofte: sportieve gezinnen in Enschede

Home Gezonde Toekomst Dichterbij Laura Hofte: sportieve gezinnen in Enschede

Laura Hofte, projectleider ‘Supporter van elkaar’ bij FC Twente Scoren in de wijk

 

‘Bij Scoren in de wijk hadden we nog niet eerder iets gedaan met het hele gezin. Het is ontzettend fijn dat we konden uitproberen wat werkt, ook door goed te luisteren naar de deelnemers: wat heeft positief uitgepakt, wat moeten we bij de volgende groep anders doen? Bij groep 1 was het traject heel anders dan bij groep 5.’

 

Als je positieve dingen doet als gezin doorbreek je een negatieve spiraal.

Met het gezin leuke dingen doen heeft een groot effect.

‘Supporter van elkaar is een groepsprogramma met individuele begeleiding, bedoeld voor kwetsbare gezinnen in Enschede. Het kunnen gezinnen zijn die worstelen met de opvoeding of ouders die wél werken, maar toch te maken hebben met schuldenproblematiek… De realiteit is wel dat de gezinnen over het algemeen van een uitkering leven. We hebben vijf groepen begeleid. De laatste groep is de eerste week van juli klaar.

 

Het traject duurt vijf maanden. Alle gezinnen hebben daarin twee bijeenkomsten per week. De ene bijeenkomst is op de ochtend, alleen voor de ouders. Dan organiseren we activiteiten gericht op hun persoonlijke doelen, hun toekomstdromen, groots gezegd. Daar werken ze aan, veelal met kleine stapjes. Sommige mensen maken best grote stappen, maar dat hoeft niet.

 

De middagbijeenkomsten zijn voor het hele gezin. We organiseren sport, spel en uitjes. Het is de bedoeling dat ouders en kinderen deze activiteiten samen doen. Als je positieve dingen doet als gezin doorbreek je een negatieve spiraal, zo dachten wij. Gelukkig blijkt al uit de voorlopige evaluaties dat dat goed bedacht is: met het gezin leuke dingen doen heeft een groot effect.’

Ik denk dat het heel krachtig en drempelverlagend is om een traject uit te voeren in de wijk waar de doelgroep woont.

Ze gingen ons vertrouwen, zagen dat het goed voor ze was én dat ze leuke dingen deden.

Werven is het lastigste van het hele project geweest

 

‘Supporter van elkaar is een traject onder de vlag van FC Twente Scoren in de wijk. Daar zijn we erg blij mee, omdat we daardoor niet een organisatie zijn waar onze doelgroep al mee te maken heeft gehad.

 

Sommige gezinnen hebben zichzelf aangemeld. Andere zijn via de DoenBeurs!, Humanitas, wijkteams of andere partners bij ons gekomen. We wilden vijftien tot zestien gezinnen per groep, maar we gingen daar in de werving wel overheen, omdat onze ervaring is dat niet iedereen daadwerkelijk begint. Af en toe viel het wel tegen dat ik er heel erg achteraan moest bellen om de groep vol te krijgen. Het werven is het lastigste stuk van het hele project geweest. We zijn in die tweeënhalf jaar voortdurend aan het werven geweest, op allerlei manieren. Het project steeds opnieuw onder de aandacht brengen bij de partners in Enschede, op de DoenBeurs! staan, op allerlei manieren op social media laten weten dat we er zijn…

 

Maar als gezinnen eenmaal kwamen, dan bleven ze ook komen. Ze gingen ons vertrouwen, zagen dat het goed voor ze was én dat ze leuke dingen deden.

 

De loop ergens naartoe

 

We hebben Supporter van elkaar in verschillende stadsdelen uitgevoerd. Ik denk dat het heel krachtig en drempelverlagend is om een traject uit te voeren in de wijk waar de doelgroep woont. In kantines van sportverenigingen of in wijkcentra; wat er in een wijk maar beschikbaar is. Het voelt vertrouwd voor mensen én we hopen dat ze de loop ergens naartoe krijgen, waardoor ze meer gaan participeren. Misschien wel lid worden van de sportvereniging of wat meer naar het wijkcentrum komen, omdat ze zien wat er allemaal gebeurt.’

Wij zijn een plek geweest waar allerlei partners kwamen om te vertellen.

Allerlei voorzieningen niet bekend

 

‘We hebben een supportteam: mensen die in Enschede werken, bij FC Twente, in het bedrijfsleven, de politiek of waar dan ook, die op hun eigen manier de gezinnen kunnen ondersteunen. Dat supportteam is heel belangrijk, omdat het in Enschede allemaal vrij bekende mensen zijn. De gezinnen voelen zich hierdoor gezien; dat ook déze mensen hen de moeite waard vinden om te helpen.

 

Het was tevens de bedoeling dat de deelnemers elkaar gingen helpen. Dat is echter wat minder goed uit de verf gekomen dan we van plan waren, omdat zo veel partners uit de stad bij de groepen langs wilden komen om te laten zien wat zij voor hen konden betekenen. We hebben gemerkt dat allerlei voorzieningen niet bekend waren bij de gezinnen. De partners die die voorzieningen aanbieden, vinden het kennelijk lastig om met de gezinnen in aanraking te komen. Wij zijn dan ook een plek geweest waar allerlei partners kwamen om te vertellen, over bijvoorbeeld de Stadsbank, cultuur in Enschede, vrijwilligerswerk of Sjors Sportief. Het programma was zo vol dat het werken aan elkaar helpen wat ondergeschikt is geworden.

 

We hadden wél steeds een groepsapp en die blijft ook in stand als een traject afgelopen is. Daar zetten deelnemers bijvoorbeeld in: “Ik moet volgende week daar en daarnaartoe. Daar zie ik tegenop. Wil er iemand met mij meegaan?” “Er werkt iets niet goed met de computer, wie kan mij helpen?” Dat gebeurt dan heel makkelijk. Er zijn ook groepjes blijven wandelen, omdat ze elkaar wilden blijven zien en er zijn echte vriendschappen ontstaan. Zo is het elkaar helpen zijdelings toch een beetje gelukt.’

We hebben heel duidelijk geleerd dat je per stadsdeel, per doelgroep, maatwerk moet leveren.

Sport en spel, daarvan vonden we al heel snel: dat is goed gekozen en dat houden we erin.

Steeds in ontwikkeling

 

‘Bij Scoren in de wijk hadden we nog niet eerder iets gedaan met het hele gezin. Het is ontzettend fijn dat we konden uitproberen wat werkt, ook door goed te luisteren naar de deelnemers: wat heeft positief uitgepakt, wat moeten we bij de volgende groep anders doen? Bij groep 1 was het traject heel anders dan bij groep 5. En ook: in ieder stadsdeel wonen andere mensen. Dat hebben we heel duidelijk geleerd: dat je per stadsdeel, per doelgroep, maatwerk moet leveren. Dat is het fijne aan een experiment, dat je kunt uitproberen: wat doet er nu echt toe voor deze gezinnen? Wat vonden zij betekenisvol en ook: wat vonden ze leuk? Het traject was steeds in ontwikkeling.

 

Het participatiestuk is groter geworden

 

We hebben sport als middel bij elke groep ingezet. Van groep 1 tot en met 5 was sport de rode draad, omdat het veel bijdraagt aan vitaliteit. Mensen zitten soms al heel lang thuis en voelen zich fitter en krijgen meer zelfvertrouwen door het sporten. We hoeven niet hard te werken aan de groepsdynamiek, want dat gebeurt al door de sport. De mensen hebben lol met elkaar en de kinderen zien dat de ouders meer ontspannen zijn. Het doorbreekt een beetje de zorgen die ze hebben en het negatieve: geen geld of geen energie om leuke dingen te doen. Dus sport en spel, daarvan vonden we al heel snel: dat is goed gekozen en dat houden we erin.

 

Het participatiestuk is wel steeds groter geworden. Veel mensen willen graag aan het werk of een opleiding of vrijwilligerswerk doen, maar de weg ernaartoe is moeilijk. Het heeft ook te maken met zelfvertrouwen en hen even bij de hand nemen. We hebben bijvoorbeeld speeddates georganiseerd met uitzendbureaus die mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt wat langer kunnen begeleiden. Er zijn behoorlijk veel mensen aan het werk gekomen die dat niet verwacht hadden. Dat er iets voor hen ís, als ze dat maar eenmaal voelen… Het is in deze tijd voor ons natuurlijk ook wel makkelijk om mensen te motiveren, want er is ook echt werk voor hen.’

Er zijn behoorlijk veel mensen aan het werk gekomen die dat niet verwacht hadden.

Naast het overleven hebben de ouders weer energie gekregen om met hun kinderen leuke dingen te doen en om meer te vechten voor hun gezin.

Extra dingen waarmee je iets positiefs creëert

 

‘Waar ik het meest trots op ben is dat we echt iets voor de gezinnen konden betekenen. Wij hebben met ons team goed gekeken en geluisterd naar wat nodig is en de gezinnen ook veel leuke dingen aangeboden, waardoor er iets positiefs gebeurde in elk gezin en ze weer meer lol hebben samen. We hebben ook follow-up bijeenkomsten en dan krijgen we van gezinnen terug dat ze het zo fijn vinden dat ze weer samen dingen doen. Het is heel mooi om te zien dat ze dat vast blijven houden. Naast het overleven hebben de ouders weer energie gekregen om met hun kinderen leuke dingen te doen en om meer te vechten voor hun gezin. Ze hebben meer ideeën gekregen, ze weten de weg beter, ze hebben elkaar én ze weten ons ook nog heel goed te vinden.

 

FC Twente en de beloningen die daarbij horen, dat vonden de deelnemers ook erg leuk. Het is aantrekkelijk om zo’n traject vanuit een betaalde voetbalvereniging te mogen organiseren. Deze gezinnen zijn bijvoorbeeld vaak niet in staat om kaartjes te kopen voor een wedstrijd. Die konden wij ze bieden. De een vindt het geweldig en geniet ervan, voor de ander is het heel emotioneel. Dat zijn extra dingen waarmee je iets positiefs creëert.

 

Wat we ook bij elke groep hebben gedaan en wat heel leuk heeft uitgepakt, is dat de kinderen aan het eind van het traject een maaltijd koken voor hun ouders. De ouders worden een keer verwend en we hopen natuurlijk dat de kinderen denken: oh, dat vind ik leuk om voor mijn vader of moeder te doen. Ik doe het nog een keertje! Het is ook echt een feestelijke afsluiting, met een FC Twente-sjaaltje voor de kinderen met hun naam erop en een toespraakje van de wethouder of iemand van FC Twente.’

Waar ik het meest trots op ben is dat we echt iets voor de gezinnen konden betekenen.

Geen tijd en geld om echt met de kinderen in gesprek te gaan

 

‘Waar we echter geen tijd en geld voor hebben gehad is om echt met de kinderen in gesprek te gaan. Met hen hebben we nu lekker gesport, spelletjes gedaan en uitjes, maar vragen stellen als: “Hé, wat betekent de situatie nou voor jullie en wat hebben jullie nodig?”, daar hadden we heel graag meer tijd voor gehad. We hebben dit niet van tevoren bedacht; gaandeweg ontstond steeds meer dit gevoel.

 

Maar ja, dat vraagt wel bepaalde vaardigheden van het team en misschien ook wel een scholing. En als je dit ophaalt, wat doe je er dan mee? Als de kinderen bepaalde dingen zeggen dan moet je er ook iets mee kúnnen. Maar toch, we hebben wel een kans laten liggen door niet iets in te bouwen waardoor we echt met de kinderen in gesprek konden komen.’

De gezinnen vinden het fijn om iets terug te doen.

We maakten een tv-serie over ons project.

Iets unieks

 

‘Een collega van mij had een idee om voor andere gezinnen in Enschede zichtbaar te maken wat er allemaal in de stad is. Iets dat ook handig zou zijn voor de werving van nieuwe gezinnen. We hadden ook wel de gedachte dat het iets unieks was waar we mee bezig waren. Dus maakten we een tv-serie over ons project.

 

Ik vond het erg spannend, want de gezinnen hebben zich heel kwetsbaar opgesteld en zijn echt zichzelf geweest. Ze vergaten helemaal dat de cameraman er was. De interviewer kenden ze goed en hij was zo geïntegreerd in de groep dat de vragen die hij stelde helemaal niet onnatuurlijk voelden. We hebben natuurlijk toestemming gevraagd aan de deelnemers en hun de beelden laten zien voordat ze uitgezonden werden, maar ik was heel bang dat de gezinnen er spijt van zouden krijgen of nare reacties zouden krijgen.

 

Maar ze waren blij en trots en hebben alleen maar positieve reacties gehad. Wij ook. De gezinnen zijn er erg door gegroeid. En wat ze naderhand ook vertelden: zij hebben gratis mogen meedoen aan dit traject en vonden het fijn om op deze manier iets terug te doen. Dat merken we met meer dingen: ze staan altijd klaar voor interviews of wat dan ook. Dat is wel heel mooi.’

Ik hoop dat we in stand mogen houden wat goed werkt.

Werken aan de borging

 

‘Wij zitten aan het eind van ons project. Na de zomervakantie heb ik nog een viertal maanden om te werken aan de borging. We hopen natuurlijk dat de tv-serie hier iets aan bijdraagt. Dat mensen zeggen: “Dat is succesvol. Dat willen wij ook in onze gemeente.” Ik krijg positieve reacties op de documentaire van wethouders en beleidsfunctionarissen, maar ik merk wel: die beelden doen wat, maar ze willen ook feiten. En die moeten we nog in kaart brengen.

 

Als we straks met de borging bezig gaan, krijgen we te maken met opdrachtgevers. Hopelijk zien die in hoe belangrijk het is dat je leuke elementen inbouwt in een project. Ik hoop dat we in stand mogen houden wat goed werkt.’

Ouders krijgen energie doordat ze hun kinderen weer zien genieten.

Tips

 

1. ‘Investeer in het opbouwen van goede relaties met het netwerk in je stad. Zoek verbindingen, waardoor je niet alleen elkaar versterkt, maar ook veel meer kan bieden aan de gezinnen. Als je allemaal langs elkaar heen werkt of je ziet elkaar als concurrenten dan gaat dat ten koste van wat er voor gezinnen is.’

2. ‘Gebruik sport als middel; positieve dingen waardoor de energie vrijkomt en mensen weer ruimte krijgen in hun hoofd om naar de toekomst te kijken.’

3. ‘Richt je op het hele gezin. Ik ben ook coördinator van een ander traject waarbij we alleen met de ouders werken. Daar gebeurt ook veel goeds, maar nu ik heb gezien wat er gebeurt als je met het hele gezin werkt, geloof ik daar toch meer in. Ouders krijgen energie doordat ze hun kinderen weer zien genieten.’

Een kijkje in de keuken – van projectleiders voor projectleiders

In deze serie laten we projectleiders aan het woord. Zij vertellen over hun project, hun ervaringen en uitdagingen. Het zijn persoonlijke verhalen, vol met leermomenten, inzichten en praktische tips.

FNO stimuleert projecten met financiering én door het samenbrengen van partijen en het verzamelen en delen van kennis.

Wil jij ook een kijkje geven in jouw keuken? Laat het ons weten!

 

Fotografie: Titia Hahne

Meer over Gezonde Toekomst Dichterbij