Op zijn zestiende kwam Mohammed (25) op straat te staan. ‘Mijn thuissituatie was niet goed, niet veilig.’ Hij sprak een keer met een maatschappelijk werker van het buurthuis, een keer met Veilig Thuis, maar hoorde daarna niets meer van ze.

Overval

Hij ging met jongens om die slechte dingen deden om aan geld te komen. ‘Het begon relatief onschuldig: eten stelen bij de supermarkt.’ Op zijn zeventiende werd Mohammed opgepakt voor een overval op een supermarkt. ‘Een van de medewerkers – een meisje van zestien, zeventien – moest de hele tijd huilen. Achteraf kon ik haar gezicht maar niet vergeten.’ Toen hij in voorarrest zat schreef hij haar een brief, waarin hij vertelde dat het hem speet en uitlegde dat hij haar nooit pijn had willen doen.

Je hele leven voor je

Maar na zijn veroordeling ging het al snel weer mis. Mohammed: ‘Ik ging dealen in België. Dat leek me een vooruitgang, ik dacht dat ik zo niemand zou kwetsen.’ Hij kwam vast te zitten in Brugge. Het was een heftige tijd. ‘Het enige positieve was de groep met wie ik een cel deelde,’ vertelt hij. ‘Zij werden een soort vaderfiguren voor mij. Je hebt je hele leven voor je, zeiden ze. Daar waren ze jaloers op. Dankzij hen leerde ik omgangsvormen en ging ik nadenken over wat ik wilde met mijn leven.’

Vuilniszak met spullen

In Nederland moest hij nog een straf uitzitten. ‘Toen ik vrijkwam zeiden ze: Je mag je melden bij de nachtopvang. De volgende dag kan je een adres aanvragen bij de gemeente, dat duurt vier weken. Dan kan je een uitkering aanvragen, dat duurt acht weken. Dit keer kreeg ik geen reclassering, omdat ik me niet aan de regels had gehouden vorige keer. Daar sta je dan, met je vuilniszak met spullen op straat.’

Nieuwe start

De organisatie Young in Prison is zijn redding geweest. ‘Ze vroegen of ik trainingen wilde geven als ervaringsdeskundige. Daardoor kon ik een nieuwe start maken.’ Nu deelt hij zijn ervaringen ook bij Team GeestKracht. Hij wil aan professionals die met jongeren werken meegeven dat zij meer zijn dan een dossier. ‘Je moet echt naar de persoon kijken. Als je iets wil opleggen wat niet past, dan gaat dat nooit werken.’ Ook vindt hij dat zijn opvang na detentie veel beter had gemoeten. ‘Als er geen houvast is, in de vorm van begeleiding, een huis, een inkomen, dan val je zo terug in je oude gewoontes.’

Goede volwassene

Hij gelooft in het lot, zegt hij. ‘Dingen gebeuren omdat ze moeten gebeuren. De stommiteiten die ik heb begaan in mijn jeugd hadden een reden: het was nodig om een goede volwassene te worden, zodat ik nu anderen kan helpen.’

'Je moet echt naar de persoon kijken. Als je iets wil opleggen wat niet past, dan gaat dat nooit werken.'