Als jongvolwassene kwam Moh (28) alleen naar Nederland. ‘Dat heeft mij sterker gemaakt, maar het was ook heel moeilijk. Je krijgt veel kansen, maar je moet harder werken dan anderen om te bewijzen dat je het kan. Dat vind ik moeilijk en het maakt dat veel statushouders wat serieuzer en volwassener zijn dan hun leeftijdsgenoten.’

Echte vriendschap is dan ook lastig te vinden. ‘Ik merk dat mijn studiegenoten nog weinig hebben meegemaakt in het leven.’ Echte verbondenheid vindt Moh vooral bij zijn Nederlandse familie in Schagen. ‘Als ik hen niet had leren kennen, was het voor mij onmogelijk geweest me aan te passen. Je kunt alles bereiken als je mensen om je heen hebt die jou ondersteunen en advies geven, als een familie. Ik heb het geluk dat ik die familie heb gevonden.’

In Syrië studeerde Moh bouwkunde, maar omdat er in Nederland al veel mensen zijn die dat doen, is hij wiskunde gaan studeren om zich te onderscheiden. ‘Later wil ik docent worden of bij de gemeente werken. Ik wil laten zien wat statushouders kunnen. Veel van hen kunnen hun vaardigheden niet inzetten doordat ze te maken hebben met eenzaamheid, taalproblemen, stress of een andere manier van denken. Het is mijn doel om te laten zien wat er mogelijk is.’

Mentale problematiek is geen veelbesproken onderwerp onder statushouders. ‘Praten over psychische klachten doen we niet in Syrië. Het was voor mij bijzonder om te merken dat mensen met hun verhaal naar buiten komen. Het is goed dat dat gewoon kan. Dat wil ik met Team GeestKracht laten zien. Een veilige omgeving creëren voor jongeren die te maken hebben met mentale problemen, dat is mijn droom.’

'Een veilige omgeving creëren voor jongeren die te maken hebben met mentale problemen, dat is mijn droom.'